Column | Friese nuchterheid als basis voor innovatie

 

 

Herkenbare veldvoorbeelden

Meestal begin ik mijn train-de-trainer-avond met wat praktijkervaringen. Ervaringen waaruit blijkt wat er zoal op de velden gebeurt. Bijvoorbeeld de achteraf gefrustreerde trainer die een pass- en trapvorm van Manchester City 1 van Facebook heeft geplukt voor zijn O11-4-team. Of de klassieker: acht spelers in een rij, inspelen op de trainer, breed leggen en schieten op doel. Meestal zie ik dan wel iemand een buurman aanstoten met het gebaar: “Hé, herkenbaar?!”

Column | Friese nuchterheid als basis voor innovatie 

Als je wilt dat iets écht nat wordt, moet je niet met emmers water gooien. Je moet sprenkelen – zodat het de tijd krijgt om te aarden. Die metafoor gebruikte mijn oud-trainer Foppe de Haan vaak. En hij had gelijk. Groei en ontwikkeling zijn geen sprint, maar een proces. Rustig, doordacht, met oog voor de lange termijn.

Onlangs liep ik Foppe weer tegen het lijf op de PC in Franeker – hét hoogtepunt van het kaatsseizoen. Alsof het zo moest zijn. Dezelfde Foppe die mij vroeger inspireerde als trainer, zat daar nu – net als ik – te genieten van een typisch Fries stukje sportcultuur. En opnieuw dacht ik aan die emmers water.

Ik ben geboren en getogen in Friesland. Een provincie met ruimte, wind, water – en vooral mensen die niet snel onder de indruk zijn. Tradities zoals skûtsjesilen, kaatsen en fierljeppen horen erbij. Net als de houding: “Doch mar gewoan, dan dochst al gek genôch.” Geen poeha, geen grote woorden. Eerst zien, dan geloven.

Ik kan oprecht genieten van die Friese sporten. Deelnemers verdienen er niets mee, maar zijn trots dat ze erbij mogen zijn. Ze dromen van deelname, leven er het hele jaar naartoe. Bij winst zie je uitbundige vreugde, maar bij verlies volgt vaak een nuchtere, eerlijke samenvatting. Dat geldt net zo bij het skûtsjesilen: niets te verdienen, veel te investeren – maar des te meer waardering en trots als je mee mag doen.

Ook ik had als kind die dromen. Ik wilde ooit meedoen aan de PC. En natuurlijk droomde ik – zoals zovelen – van een carrière als profvoetballer. De PC is er nooit van gekomen, maar profvoetballer heb ik wél mogen zijn. Die droom is uitgekomen. En misschien is het juist die combinatie van nuchterheid en ambitie die mij altijd heeft gedreven.

Diezelfde houding zit ook in feeton. Toen we begonnen met het bouwen van ons platform, werd er in het begin vooral met opgetrokken wenkbrauwen gekeken. “Een digitaal platform voor voetbalontwikkeling? Werkt dat wel?” Geen grote beloftes, geen gelikte praatjes. We lieten het gewoon zien. Stap voor stap, seizoen na seizoen.

Inmiddels zijn we geen onbekende meer in het Nederlandse voetbal. Niet omdat we onszelf overschreeuwen, maar omdat we vasthouden aan onze kern: doen wat werkt. Niet meer, niet minder. We luisteren, passen aan, verbeteren, en leveren. Simpel. Maar juist in die eenvoud zit de kracht.

Daarbij worden we ondersteund – een waardevolle sparringpartner die je scherp houdt, meedenkt én helpt om onze koers te bewaken. Want dromen realiseren vraagt niet alleen om doorzettingsvermogen, maar ook om focus en structuur. Juist daarin zit het verschil tussen een idee en echte impact.

Ik geloof dat onze Friese nuchterheid daar een groot aandeel in heeft. We dromen groots, maar blijven met beide benen op de grond. We bouwen aan iets waardevols, maar zonder de illusie dat we de wereld in één dag kunnen veranderen. En soms, als alles samenvalt – de juiste mensen, het juiste moment, en het harde werk dat eraan voorafgaat – dan volgt er een boppeslach. Een rake klap. Een succes dat verder reikt dan cijfers of applaus. In het kaatsen is het een beslissend punt. Bij ons voelt het als erkenning van de koers die we zijn blijven varen. Niet toevallig, maar verdiend.

Zoals Foppe het ooit zo mooi zei: als je wilt dat iets écht nat wordt, moet je niet met emmers water gooien. Je moet sprenkelen. En precies zo bouwen we verder aan feeton.

Gebouwd vanuit nuchterheid, gevoed door ambitie.

Richard Elsinga

feeton